Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Procesrecht. Verdeling van nalatenschappen. Totstandkoming deskundigenbericht…
Hoge Raad, 21 december 2018
ECLI:NL:HR:2018:2360 · Hoge Raad · 21 december 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-2360
Zaakgegevens
Op 21 december 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 december 2018
- Datum publicatie
- 20 december 2018
- Zaaknummer
- 17/02482
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. F.I van Dorsser, mr. J van Duijvendijk-Brand
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:2360
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Procesrecht. Verdeling van nalatenschappen. Totstandkoming deskundigenbericht (art. 198 lid 2 Rv). Weigering van erfgenaam tevens executeur-testamentair om rekening en verantwoording af te leggen. Vervolg van HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:649.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 november 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1208Hoge Raad · 21 december 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:2360
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
21 december 2018
Eerste Kamer
17/02482
LZ/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser] ,
wonende te [woonplaats] ,
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. F.I. van Dorsser
t e g e n
1. [verweerster 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand,
2. [verweerster 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
3. [verweerster 3] ,
wonende te [woonplaats] ,
4. [verweerder 4] ,
wonende te [woonplaats] ,
5. mr. H.Ph. Beuker, in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over het erfdeel van [de vader] ,
kantoorhoudende te Drachten,
6. [verweerder 6] ,
wonende te [woonplaats] ,
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] , [verweerster 1] , [verweerster 2] , [verweerster 3] , [verweerder 4] , mr. Breuker en [verweerder 6] .
1 Het verloop van het geding
Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar zijn arrest in deze zaak van 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:649.
Het arrest is aan dit arrest gehecht.
2 Het verdere verloop van het geding in cassatie
Na daartoe te zijn opgeroepen is tegen [verweerster 2] , [verweerster 3] , [verweerder 4] , mr. Breuker en [verweerder 6] verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 21 december 2018.