Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Koopovereenkomst paard. Vernietiging wegens dwaling; art. 6:228 BW…
Hoge Raad, 21 december 2018
ECLI:NL:HR:2018:2388 · Hoge Raad · 21 december 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-2388
Zaakgegevens
Op 21 december 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 december 2018
- Datum publicatie
- 20 december 2018
- Zaaknummer
- 18/00660
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J. den Hoed
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:2388
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Koopovereenkomst paard. Vernietiging wegens dwaling; art. 6:228 BW. Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurders verkopende vennootschap voor terug te betalen koopprijs; frustreren verhaal op vennootschap; HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758 (Ontvanger/Roelofsen). Aansprakelijkheid tussenpersoon; verzwijgen relevante informatie; causaal verband met schade; art. 6:162 BW en art. 6:98 BW.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 14 november 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:3209Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 23 november 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1321Hoge Raad · 21 december 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:2388
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
21 december 2018
Eerste Kamer
18/00660
TT/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [eiser 1] , voorheen [eiser 1]
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [eiser 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
3. [eiseres 3] ,
wonende te [woonplaats] ,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J. den Hoed,
t e g e n
MELISA INTERNATIONALES REITZENTRUM GMBH,
gevestigd te Mannheim, Duitsland,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaten: mr. P.A. Fruytier en
mr. J.F. de Groot.
Eisers zullen hierna gezamenlijk ook worden aangeduid als [eisers] Verweerster zal hierna ook worden aangeduid als Melisa.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/10/414427/HA ZA 12-1083 van de rechtbank Rotterdam van 2 juli 2014 en 10 juni 2015;
b. het arrest in de zaak 200.176.880/01 van het gerechtshof Den Haag van 14 november 2017.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eisers] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Melisa heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor Melisa mede door mr. R.R. Oudik.k
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Melisa begroot op € 6.662,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 21 december 2018.