Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Schadestaatprocedure. Schade door niet-nakoming vaststellingsovereenkomst?…
Hoge Raad, 4 mei 2018
ECLI:NL:HR:2018:669 · Hoge Raad · 4 mei 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-669
Zaakgegevens
Op 4 mei 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 mei 2018
- Datum publicatie
- 1 mei 2018
- Zaaknummer
- 17/01930
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. C.S.G. Janssens
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:669
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Schadestaatprocedure. Schade door niet-nakoming vaststellingsovereenkomst? Causaal verband tussen tekortkoming en schade?
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 9 maart 2018
ECLI:NL:PHR:2018:209Hoge Raad · 4 mei 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:669
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
4 mei 2018
Eerste Kamer
17/01930
TT/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. ROYAL INVEST VASTGOED B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. C.S.G. Janssens,
t e g e n
1. TILAM VASTGOED B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. ORTELIUS VASTGOED B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
3. FANDANGO HOLDING B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
niet verschenen.
Eisers zullen hierna gezamenlijk worden aangeduid als RIV c.s. Verweersters zullen hierna gezamenlijk worden aangeduid als Fandango c.s.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/13/583534/HA ZA 15/285 van de rechtbank Amsterdam van 1 juli 2015 en 17 februari 2016;
b. het arrest in de zaak 200.192.424/01 van het gerechtshof Amsterdam van 17 januari 2017.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben RIV c.s. beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Fandango c.s. is verstek verleend.
De zaak is voor RIV c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping.
De advocaat van RIV c.s. heeft op 22 maart 2018 schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt RIV c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Fandango c.s. begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 4 mei 2018.