Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Verdeling gemeenschap. Methode van waardering van vermogensbestanddelen.
Hoge Raad, 18 oktober 2019
ECLI:NL:HR:2019:1611 · Hoge Raad · 18 oktober 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-1611
Zaakgegevens
Op 18 oktober 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 oktober 2019
- Datum publicatie
- 17 oktober 2019
- Zaaknummer
- 18/03168
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.H van Gelderen, mr. M.E.M.G. Peletier
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:1611
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Verdeling gemeenschap. Methode van waardering van vermogensbestanddelen.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 18 juli 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:2582Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 juni 2019
ECLI:NL:PHR:2019:636Hoge Raad · 18 oktober 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:1611
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/03168
Datum 18 oktober 2019
ARREST
In de zaak van
1. [de vrouw],
wonende te [woonplaats],
2. [de neef],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie, verweerders in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: mr. J.H. van Gelderen,
tegen
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie, eiser in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: [de man],
advocaat: mr. M.E.M.G. Peletier.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C09/500924/HA ZA 15-1347 van de rechtbank Den Haag van 17 februari 2016, 13 april 2016 en 28 december 2016;
b. de arresten in de zaak 200.213.474/01 van het gerechtshof Den Haag van 18 juli 2017 en 24 april 2018.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 24 april 2018 beroep in cassatie ingesteld. [de man] heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt in het principale beroep tot verwerping.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het principale beroep;
-
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [de man] begroot op € 400,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren, M.V. Polak, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 18 oktober 2019.