Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Koop van een dressuurpaard. Beroep op non-conformiteit. Heeft de koper het paard als…
Hoge Raad, 15 februari 2019
ECLI:NL:HR:2019:224 · Hoge Raad · 15 februari 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-224
Zaakgegevens
Op 15 februari 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 15 februari 2019
- Datum publicatie
- 14 februari 2019
- Zaaknummer
- 17/06023
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J den Hoed, mr. M.B.A. Alkema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:224
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Koop van een dressuurpaard. Beroep op non-conformiteit. Heeft de koper het paard als consument of bedrijfsmatig gekocht? (Art. 7:5 BW).
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 28 maart 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:2603Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 19 september 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:8232Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 30 november 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1497Hoge Raad · 15 februari 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:224
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
15 februari 2019
Eerste Kamer
17/06023
TT/AR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [eiser 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
2. [eiser 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J. den Hoed,
t e g e n
FYTO HORSE CARE B.V.,
gevestigd te Putten,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.B.A. Alkema.
Eisers zullen hierna ook worden aangeduid als [eisers] Verweerster zal hierna ook worden aangeduid als Fyto.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 464973 CV EXPL 11-2736 van de kantonrechter te Harderwijk van 1 februari 2012, 10 oktober 2012 en 5 december 2012 en van de kantonrechter te Apeldoorn van 22 mei 2013, 16 juli 2014, 29 oktober 2014 en 15 april 2015;
b. de arresten in de zaak 200.172.588 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 11 augustus 2015, 28 maart 2017 en 19 september 2017, verbeterd bij beslissing van 19 december 2017.
De arresten van het hof van 28 maart 2017 en 19 september 2017 zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof van 28 maart 2017 en 19 september 2017 hebben [eisers] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Fyto heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Fyto begroot op € 2.672,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 15 februari 2019.