Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoeding uit onrechtmatige daad. Voordeelverrekening.

Hoge Raad, 12 juni 2020

Zaakgegevens

Op 12 juni 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12 juni 2020
Datum publicatie
11 juni 2020
Zaaknummer
19/00933
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
B.I. Kraaipoel
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:1041
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoeding uit onrechtmatige daad. Voordeelverrekening.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 20 november 2018

    ECLI:NL:GHARL:2018:10098
  2. Conclusie A-G · 10 januari 2020

    ECLI:NL:PHR:2020:27
  3. Hoge Raad · 12 juni 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:1041

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/00933

Datum 12 juni 2020

ARREST

In de zaak van

Gerard Willem BREUKER, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement

van [A] B.V.,
kantoorhoudende te Groningen,

EISER tot cassatie,

hierna: de curator,

advocaat: B.I. Kraaipoel,

tegen

[verweerder],
wonende te Bruntinge,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/18/161642 / HA ZA 15-238 van de rechtbank Noord-Nederland van 17 februari 2016 en 1 juni 2016;

  2. de arresten in de zaak 200.197.299/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 6 maart 2018 en 20 november 2018.

De curator heeft tegen het arrest van het hof van 20 november 2018 beroep in cassatie ingesteld.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt de curator in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer G. Snijders als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 12 juni 2020.