Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoeding wegens wanprestatie. Schadestaatprocedure. Diverse klachten, o.m. over…
Hoge Raad, 25 september 2020
ECLI:NL:HR:2020:1491 · Hoge Raad · 25 september 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2020-1491
Zaakgegevens
Op 25 september 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 september 2020
- Datum publicatie
- 23 september 2020
- Zaaknummer
- 19/02349
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- N.C van Steijn, R.T. Wiegerink
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:1491
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Schadevergoeding wegens wanprestatie. Schadestaatprocedure. Diverse klachten, o.m. over gezag van gewijsde uitspraak in ander geding.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 12 februari 2019
ECLI:NL:GHARL:2019:1378Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 april 2020
ECLI:NL:PHR:2020:389Hoge Raad · 25 september 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:1491
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/02349
Datum 25 september 2020
ARREST
In de zaak van
LIRO B.V.,
gevestigd te Groningen,
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: Liro,
advocaat: N.C. van Steijn,
tegen
WEHKAMP B.V.,
gevestigd te Zwolle,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: Wehkamp,
advocaat: R.T. Wiegerink.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
het vonnis in de zaak C/08/157961/ HA ZA 14-324 van de rechtbank Overijssel van 29 juni 2016;
-
het arrest in de zaak 200.201.780/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 februari 2019.
Liro heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld. Wehkamp heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaat van Liro heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel in het principale beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het principale beroep;
-
veroordeelt Liro in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Wehkamp begroot op € 6.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Liro deze niet binnen veertien dagen na heden heeft betaald.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren G. Snijders, als voorzitter, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 25 september 2020.