Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid. Verzekeringsrecht. Heeft de taxateur bij het taxeren van de…
Hoge Raad, 9 oktober 2020
ECLI:NL:HR:2020:1592 · Hoge Raad · 9 oktober 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2020-1592
Zaakgegevens
Op 9 oktober 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 oktober 2020
- Datum publicatie
- 7 oktober 2020
- Zaaknummer
- 19/03837
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:1592
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid. Verzekeringsrecht. Heeft de taxateur bij het taxeren van de waarde van een perceel beroepsfout gemaakt? Maatmancriterium. Heeft de curator door plaatsing van de vordering van de kopers op lijst van voorlopig erkende crediteuren de aansprakelijkheid van de taxateur erkend?
Procesgang
Uitspraak · 2015
ECLI:NL:RBDHA:2015:15972Gerechtshof Den Haag · 14 mei 2019
ECLI:NL:GHDHA:2019:1047Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 mei 2020
ECLI:NL:PHR:2020:463Hoge Raad · 9 oktober 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:1592
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/03837
Datum 9 oktober 2020
ARREST
In de zaak van
DE VEREENDE N.V., voorheen Verenigde Assurantiebedrijven
Nederland N.V.,
gevestigd te Rijswijk,
EISERES tot cassatie,
hierna: De Vereende,
advocaten: J.P. Heering en J.L. Luiten,
tegen
Arie Jan VAN DER KNIJFF, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [A] B.V.,
kantoorhoudende te Breda,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de curator,
advocaten: I.M.A. Lintel en T.T. van Zanten.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/09/485295 / HA ZA 15-360 van de rechtbank Den Haag van 2 september 2015, 25 november 2015 en 18 mei 2016;
-
de arresten in de zaak 200.197.412/02 van het gerechtshof Den Haag van 6 september 2016 en 14 mei 2019.
De Vereende heeft tegen het arrest van het hof van 14 mei 2019 beroep in cassatie ingesteld.
De curator heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van De Vereende hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt De Vereende in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 2.091,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien De Vereende deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak, als voorzitter, en de raadsheren C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.H. Sieburgh op 9 oktober 2020.