Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomstenrecht. Aanneming van werk. Uitleg overeenkomst.

Hoge Raad, 4 december 2020

Zaakgegevens

Op 4 december 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 december 2020
Datum publicatie
3 december 2020
Zaaknummer
19/03348
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
R.T Wiegerink, J.H.M. van Swaaij
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:1937
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomstenrecht. Aanneming van werk. Uitleg overeenkomst.

Procesgang

  1. Gerechtshof Den Haag · 16 april 2019

    ECLI:NL:GHDHA:2019:756
  2. Conclusie A-G · 12 juni 2020

    ECLI:NL:PHR:2020:595
  3. Hoge Raad · 4 december 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:1937

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/03348

Datum 4 december 2020

ARREST

In de zaak van

[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

hierna: [eiseres],

advocaat: R.T. Wiegerink,

tegen

[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: [verweerster],

advocaat: J.H.M. van Swaaij.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/09/504720 / HA ZA 16-128 van de rechtbank Den Haag van 27 juni 2016 en 1 februari 2017;

  2. het arrest in de zaak 200.216.122/01 van het gerechtshof Den Haag van 16 april 2019.

[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 6.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 4 december 2020.