Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Faillissement vennootschap. Onbehoorlijke taakvervulling door…
Hoge Raad, 18 december 2020
ECLI:NL:HR:2020:2083 · Hoge Raad · 18 december 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2020-2083
Zaakgegevens
Op 18 december 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 december 2020
- Datum publicatie
- 17 december 2020
- Zaaknummer
- 19/05067
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- B.I. Kraaipoel
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:2083
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Faillissement vennootschap. Onbehoorlijke taakvervulling door bestuur. Belangrijke oorzaak faillissement? Weerlegbaar vermoeden; art. 2:248 lid 2 BW.
Procesgang
Uitspraak · 2017
ECLI:NL:RBOBR:2017:2959Uitspraak · 2017
ECLI:NL:RBOBR:2017:650Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 25 september 2020
ECLI:NL:PHR:2020:848Hoge Raad · 18 december 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:2083
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/05067
Datum 18 december 2020
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: B.I. Kraaipoel,
tegen
Cornelis Wilhelmus Hendrikus Maria UITDEHAAG, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van de besloten vennootschap [A] B.V.,
kantoorhoudende te Veldhoven,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de curator,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/01/312629/HA ZA 16-608 van de rechtbank Oost-Brabant van 18 januari 2017 en 10 mei 2017;
-
het arrest in de zaak 200.217.118 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 6 augustus 2019.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de curator is verstek verleend.
De zaak is voor [eisers] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 18 december 2020.