Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Merkenrecht. Beroep van Benelux-Bureau tegen bevel van hof tot inschrijving van merk…
Hoge Raad, 24 april 2020
ECLI:NL:HR:2020:790 · Hoge Raad · 24 april 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2020-790
Zaakgegevens
Op 24 april 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 24 april 2020
- Datum publicatie
- 22 april 2020
- Zaaknummer
- 19/01421
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- E.M Tjon-En-Fa, T. Cohen Jehoram
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:790
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Merkenrecht. Beroep van Benelux-Bureau tegen bevel van hof tot inschrijving van merk AMSTERDAM UNIVERSITY voor merchandise.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 18 december 2018
ECLI:NL:GHDHA:2018:3940Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 december 2019
ECLI:NL:PHR:2019:1276Hoge Raad · 24 april 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:790
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/01421
Datum 24 april 2020
BESCHIKKING
In de zaak van
BENELUX-ORGANISATIE VOOR DE INTELLECTUELE EIGENDOM (MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN en haar orgaan het BENELUX-BUREAU VOOR DE INTELLECTUELE EIGENDOM (MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN),
gevestigd te Den Haag,
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: het Bureau,
advocaat: E.M. Tjon-En-Fa,
tegen
DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM,
gevestigd te Amsterdam.
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de UvA,
advocaat: T. Cohen Jehoram.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 200.238.260/01 van het gerechtshof Den Haag van 18 december 2018.
Het Bureau heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De UvA heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt het Bureau in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de UvA begroot op € 879,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, M.V. Polak, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 24 april 2020.