Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling vermogen in kader van echtscheiding met door Iraans…

Hoge Raad, 9 juli 2021

Zaakgegevens

Op 9 juli 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 juli 2021
Datum publicatie
8 juli 2021
Zaaknummer
20/02618
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
J van Weerden, A.H.M. van den Steenhoven
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1095
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling vermogen in kader van echtscheiding met door Iraans recht beheerst huwelijksvermogensregime. Veroordeling betaling bruidsschat en medewerking ontslag hypothecaire geldlening.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 26 mei 2020

    ECLI:NL:GHAMS:2020:1687
  2. Conclusie A-G · 16 april 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:397
  3. Hoge Raad · 9 juli 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1095

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/02618

Datum 9 juli 2021

BESCHIKKING

In de zaak van

[de man],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

hierna: de man,

advocaat: J. van Weerden,

tegen

[de vrouw],
wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: de vrouw,

advocaat: A.H.M. van den Steenhoven.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de beschikkingen in de zaak C/15/251130/FA RK 16-6734 en C/15/269455/FA RK 18-417 van de rechtbank Noord-Holland van 4 april 2018 en 21 november 2018;

  2. de beschikking in de zaak 200.254.838/01 van het gerechtshof Amsterdam van 26 mei 2020.

De man heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 9 juli 2021.