Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Pensioenrecht. Verzekeringsrecht. Levensverzekering met pensioenclausule. Uitleg polis…

Hoge Raad, 5 november 2021

Zaakgegevens

Op 5 november 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
5 november 2021
Datum publicatie
4 november 2021
Zaaknummer
20/01422
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
H.J.W Alt, M.A.M. Wagemakers
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1651
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Pensioenrecht. Verzekeringsrecht. Levensverzekering met pensioenclausule. Uitleg polis. Nabestaandenpensioen ex-echtgenoot?

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 21 januari 2020

    ECLI:NL:GHAMS:2020:111
  2. Conclusie A-G · 21 mei 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:600
  3. Hoge Raad · 5 november 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1651

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/01422

Datum 5 november 2021

ARREST

In de zaak van

[eiser],
wonend te [woonplaats],

EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

hierna: [eiser],

advocaat: H.J.W. Alt,

tegen

SCILDON N.V.,
gevestigd te Hilversum,

VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

hierna: Scildon,

advocaat: M.A.M. Wagemakers.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/13/619695 / HA ZA 16-1223 van de rechtbank Amsterdam van 22 maart 2017 en 6 december 2017;

  2. het arrest in de zaak 200.232.797/01 van het gerechtshof Amsterdam van 21 januari 2020.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Scildon heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.

Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het principale beroep;

  • veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Scildon begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 5 november 2021.