Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Vaststellingsovereenkomsten. Devolutieve werking van het appel. Dwaling…

Hoge Raad, 24 december 2021

Zaakgegevens

Op 24 december 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 december 2021
Datum publicatie
22 december 2021
Zaaknummer
20/02699
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1949
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Vaststellingsovereenkomsten. Devolutieve werking van het appel. Dwaling. Haviltexcriterium.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2020

    ECLI:NL:GHARL:2020:4178
  2. Conclusie A-G · 2 juli 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:680
  3. Hoge Raad · 24 december 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1949

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/02699

Datum 24 december 2021

ARREST

In de zaak van

1. ECUAFLOR HOLDING B.V.,
gevestigd te Oosterbeek,

2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],

3. [eiseres 3],
wonende te [woonplaats],

EISERESSEN tot cassatie,

hierna gezamenlijk: Ecuaflor c.s.,

advocaat: H.J.W. Alt,

tegen

1. [verweerster 1] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [verweerster 2] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

3. [verweerder 3],
wonende te [woonplaats],

4. [verweerster 4],
wonende te [woonplaats],

5. KJC MASTERSHAUSEN B.V.,
gevestigd te Oosterbeek,

6. KJC SPRINGE-BENNIGSEN B.V.,
gevestigd te Oosterbeek,

7. KJC INVEST B.V.,

gevestigd te Oosterbeek,

8. KJC COMPANY B.V.,

gevestigd te Oosterbeek,

9. DE HUNNENSCHANS BEHEER B.V.,

gevestigd te Oosterbeek,

10. [verweerder 10],

wonende te [woonplaats],

11. [verweerster 11],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna gezamenlijk: [verweerders],

advocaten: J.W.H. van Wijk en J.W. de Jong.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaken C/05/252818 / HA ZA 13-709 en C/05/278276 / HA ZA 15-98 / 827 / 150 / 560 van de rechtbank Gelderland van 22 januari 2014, 1 oktober 2014, 17 juni 2015 en 21 oktober 2015;

  2. de arresten in de zaken 200.160.016 en 200.183.864 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 november 2016, 9 januari 2018, 27 augustus 2019 en 2 juni 2020.

Ecuaflor c.s. hebben tegen de arresten van het hof van 27 augustus 2019 en 2 juni 2020 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van Ecuaflor c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt Ecuaflor c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 6.971,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Ecuaflor c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren M.J. Kroeze, als voorzitter, C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 24 december 2021.