Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Wvggz. Uitputting mogelijkheden vrijwillige zorg. Ernstig nadeel. Kort voor de zitting door…

Hoge Raad, 24 december 2021

Zaakgegevens

Op 24 december 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 december 2021
Datum publicatie
22 december 2021
Zaaknummer
21/03229
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
G.E.M. Later
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1954
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Wvggz. Uitputting mogelijkheden vrijwillige zorg. Ernstig nadeel. Kort voor de zitting door OvJ ingezonden politiemutaties.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 29 oktober 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:1008
  2. Hoge Raad · 24 december 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1954

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/03229

Datum 24 december 2021

BESCHIKKING

In de zaak van

[betrokkene],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

hierna: betrokkene,

advocaat: G.E.M. Later,

tegen

OFFICIER VAN JUSTITIE GELDERLAND,
VERWEERDER in cassatie,

hierna: de officier van justitie,

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/05/386709/ FA RK 21-1330 van de rechtbank Gelderland van 29 april 2021.

Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht.

De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.E. du Perron en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 24 december 2021.