Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Merkenrecht. Merkinbreuk? Benelux-Verdrag inzake de Intellectuele Eigendom (BVIE). Coin…

Hoge Raad, 11 november 2022

Zaakgegevens

Op 11 november 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11 november 2022
Datum publicatie
10 november 2022
Zaaknummer
21/02412
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
P.A. Fruytier
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1600
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Merkenrecht. Merkinbreuk? Benelux-Verdrag inzake de Intellectuele Eigendom (BVIE). Coin pocket. Merk en teken. Onderzoek in twee fasen. HvJEU 4 maart 2020, C-328/18, ECLI:EU:C:2020:156 (EUIPO/Equivalenza).

Procesgang

  1. Rechtbank Den Haag · 22 mei 2019

    ECLI:NL:RBDHA:2019:5189
  2. Gerechtshof Den Haag · 9 maart 2021

    ECLI:NL:GHDHA:2021:1344

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 24 juni 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:622
  4. Hoge Raad · 11 november 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1600

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/02412

Datum 11 november 2022

ARREST

In de zaak van

DIESEL S.P.A.,
gevestigd te Breganza, Italië,

EISERES tot cassatie,

hierna: Diesel,

advocaat: P.A. Fruytier,

tegen

1. CALVIN KLEIN EUROPE B.V.,
gevestigd te Amsterdam,

2. CK STORES B.V.,
gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTERS in cassatie,

hierna gezamenlijk: CK,

advocaten: T. Cohen Jehoram en G.J. Harryvan.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. het vonnis in de zaak C/09/539140 / HA ZA 17-955 van de rechtbank Den Haag van 22 mei 2019;

  2. het arrest in de zaak 200.265.693/01 van het gerechtshof Den Haag van 9 maart 2021.

Diesel heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

CK hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Diesel mede door A. Ringnalda en S.A. Klos.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van Diesel heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

2.1

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.2

Als de in cassatie in het ongelijk gestelde partij dient Diesel te worden verwezen in de proceskosten. CK heeft een kostenveroordeling op de voet van art. 1019h Rv gevorderd en haar kosten, hoewel deze volgens haar in werkelijkheid hoger uitvallen, begroot op het tarief ‘normaal’ als bedoeld in de Indicatietarieven in IE-zaken Hoge Raad 2017. De Hoge Raad acht de aldus gevorderde kosten redelijk en evenredig, en zal deze dienovereenkomstig toewijzen.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt Diesel in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van CK begroot op € 916,34 aan verschotten en € 23.000,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Diesel deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 11 november 2022.