Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging arbitraal vonnis. Geschil over verlaging gasprijs. Tweede arbitrageprocedure…

Hoge Raad, 2 december 2022

Zaakgegevens

Op 2 december 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 december 2022
Datum publicatie
1 december 2022
Zaaknummer
21/04129
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1800
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging arbitraal vonnis. Geschil over verlaging gasprijs. Tweede arbitrageprocedure tussen partijen. Klachten over miskenning gezag van gewijsde eerder arbitraal vonnis.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 9 september 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:808
  2. Hoge Raad · 2 december 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1800

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/04129

Datum 2 december 2022

ARREST

In de zaak van

GASTERRA B.V.,

gevestigd te Groningen,

EISERES tot cassatie,

hierna: GasTerra,

advocaten: J.W.M.K. Meijer en M.H.K. Jansen,

tegen

ENI S.P.A. ,

gevestigd te Rome, Italië,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Eni,

advocaten: B.T.M. van der Wiel en R.R. Verkerk.

1 Procesverloop in cassatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het arrest in de zaak 200.268.925/01 van het gerechtshof Den Haag van 6 juli 2021.

GasTerra heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Eni heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor GasTerra mede door E.D. van Geuns en D.C. Roessingh, en voor Eni mede door G.J. Meijer, I.P.M. van den Nieuwendijk en M.G.T. Boer.

De conclusie van de advocaat-generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaten van GasTerra hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt GasTerra in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Eni begroot op € 916,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien GasTerra deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 2 december 2022.