Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Arbitragerecht. Erkenning en tenuitvoerlegging van Californisch arbitraal vonnis op grond…
Hoge Raad, 25 maart 2022
ECLI:NL:HR:2022:446 · Hoge Raad · 25 maart 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2022-446
Zaakgegevens
Op 25 maart 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 maart 2022
- Datum publicatie
- 24 maart 2022
- Zaaknummer
- 21/00361
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- F.E Vermeulen, R.L.M.M. Tan
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2022:446
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Arbitragerecht. Erkenning en tenuitvoerlegging van Californisch arbitraal vonnis op grond van art. 1076 Rv. Openbare orde-exceptie art. 1076 lid 1 onder B Rv.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 10 november 2020
ECLI:NL:GHAMS:2020:3094Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 12 november 2021
ECLI:NL:PHR:2021:1060Hoge Raad · 25 maart 2022deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2022:446
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/00361
Datum 25 maart 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
ABO MANAGEMENT B.V., voorheen geheten ALDA EVENTS B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: Alda,
advocaat: F.E. Vermeulen,
tegen
1. [verweerder 1],
wonende te [woonplaats], Duitsland,
2. [GmbH],
gevestigd te [vestigingsplaats], Duitsland,
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: [verweerders],
advocaat: R.L.M.M. Tan.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 200.258.977/01 van het gerechtshof Amsterdam van 10 november 2020.
Alda heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. [verweerders] hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Alda heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt Alda in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 913,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Alda deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 maart 2022.