Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige overheidsdaad. Verkeersboetes o.g.v. Wahv. Officier van justitie heeft in…
Hoge Raad, 28 januari 2022
ECLI:NL:HR:2022:90 · Hoge Raad · 28 januari 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2022-90
Zaakgegevens
Op 28 januari 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 januari 2022
- Datum publicatie
- 27 januari 2022
- Zaaknummer
- 20/01653
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- Y.E.J Geradts, G.C. Nieuwland
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2022:90
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige overheidsdaad. Verkeersboetes o.g.v. Wahv. Officier van justitie heeft in administratief beroep reeds onherroepelijk geworden boetebeschikkingen niet in stand gelaten. Formele rechtskracht? Boeteoplegging onrechtmatig? Systeem van boeteoplegging Wahv (registervergelijking); strijd met EVRM? Gijzeling o.g.v. art. 28 Wahv; strijd met art. 5 en 6 EVRM?
Procesgang
Rechtbank Den Haag · 7 maart 2018
ECLI:NL:RBDHA:2018:2737Gerechtshof Den Haag · 25 februari 2020
ECLI:NL:GHDHA:2020:751Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 3 september 2021
ECLI:NL:PHR:2021:783Hoge Raad · 28 januari 2022deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2022:90
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/01653
Datum 28 januari 2022
ARREST
In de zaak van
[de bewindvoerder], handelend onder de naam [A],
kantoorhoudende te [vestigingsplaats],
in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [eiseres],
EISERES tot cassatie,
hierna: de bewindvoerder respectievelijk [eiseres],
advocaat: Y.E.J. Geradts,
tegen
DE STAAT DER NEDERLANDEN (MINISTERIE VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID),
zetelende te Den Haag,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de Staat,
advocaat: G.C. Nieuwland.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/09/529613/HA ZA 17-341 van de rechtbank Den Haag van 13 september 2017 en 7 maart 2018;
-
het arrest in de zaak 200.239.762/01 van het gerechtshof Den Haag van 25 februari 2020.
De bewindvoerder heeft (namens [eiseres]) tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Staat heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor de Staat mede door J.B.B. Heinen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de bewindvoerder heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt de bewindvoerder in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien de bewindvoerder deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter, vicepresident M.J. Kroeze en de raadsheren C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 28 januari 2022.