Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Nationaliteitsrecht. Vervolg op prejudiciële procedure HR 25 februari 2022…

Hoge Raad, 6 oktober 2023

Zaakgegevens

Op 6 oktober 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
6 oktober 2023
Datum publicatie
5 oktober 2023
Zaaknummer
22/04277
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
M.E Bruning, S.M Kingma
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1392
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Nationaliteitsrecht. Vervolg op prejudiciële procedure HR 25 februari 2022, ECLI:NL:HR:2022:332 over uitleg van ‘geboorteakte’ in art. 1:209 BW. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap (art. 17 RWN). Nietigheid dubbele erkenning, art. 330 BWNA (oud). Toetsing aan evenredigheidsbeginsel, gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel? Rechtszekerheid en rechtsonzekerheid.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 30 juni 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:634
  2. Hoge Raad · 6 oktober 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:1392

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 22/04277

Datum 6 oktober 2023

BESCHIKKING

In de zaak van

[verzoekster] ,

wonende in [woonplaats] ,

VERZOEKSTER tot cassatie,

hierna: verzoekster,

advocaat: M.E. Bruning,

tegen

1. DE STAAT DER NEDERLANDEN (Immigratie- en Naturalisatiedienst van het

Ministerie van Justitie en Veiligheid),

zetelende te Den Haag,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: de Staat,

advocaat: S.M. Kingma,

2. OPENBAAR MINISTERIE VAN CURAÇAO,

zetelende te Willemstad, Curaçao,

3. MINISTER VAN JUSTITIE VAN CURAÇAO,

zetelende te Willemstad, Curaçao,

4. HOOFD BURGERLIJKE STAND EN BEVOLKINGSREGISTER

(Basisregistratie Persoonsgegevens) VAN CURAÇAO,

zetelende te Willemstad, Curaçao,

VERWEERDERS in cassatie,

hierna: het OM c.s.

niet verschenen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:

a. zijn prejudiciële beslissing in de zaak 21/01978 van 25 februari 2022 (ECLI:NL:HR:2022:332);

b. de beschikkingen in de zaak CUR2020H00143 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 26 maart 2021, 4 mei 2021 en 16 augustus 2022.

Verzoekster heeft tegen de beschikkingen van het hof beroep in cassatie ingesteld.

De Staat heeft verzocht het beroep te verwerpen.

Het OM c.s. hebben geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van verzoekster heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikkingen van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikkingen. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, C.H. Sieburgh en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 6 oktober 2023.