Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbetaald gebleven huurvordering. Onrechtmatige benadeling…
Hoge Raad, 3 februari 2023
ECLI:NL:HR:2023:144 · Hoge Raad · 3 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-144
Zaakgegevens
Op 3 februari 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 februari 2023
- Datum publicatie
- 2 februari 2023
- Zaaknummer
- 21/04455
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- L.V. van Gardingen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:144
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbetaald gebleven huurvordering. Onrechtmatige benadeling schuldeiser door selectieve betaling en verkoop activa voor symbolische prijs?
Procesgang
Uitspraak · 2014
ECLI:NL:RBOBR:2014:2576Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 27 juli 2021
ECLI:NL:GHSHE:2021:2340Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 oktober 2022
ECLI:NL:PHR:2022:968Hoge Raad · 3 februari 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:144
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04455
Datum 3 februari 2023
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
3. [eiser 3],
wonende te [woonplaats],
4. [eiseres 4] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
5. [eiseres 5] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
6. [eiseres 6] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
7. AMPOWERMENT B.V.,
gevestigd te Veldhoven,
8. SYNERGY CREATION B.V.,
gevestigd te Veldhoven,
EISERS tot cassatie, verweerders in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: L.V. van Gardingen, aanvankelijk ook A.E.H. van der Voort Maarschalk,
tegen
[verweerster] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: [verweerster],
advocaten: M.S. van der Keur en D.M. de Knijff.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/01/271624 / HA ZA 13-880 van de rechtbank Oost-Brabant van 12 februari 2014 en 29 oktober 2014;
b. de arresten in de zaak 200.161.377/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 19 januari 2016, 9 augustus 2016, 5 maart 2019, 21 januari 2020 en 27 juli 2021,
[eisers] hebben tegen de arresten van het hof van 19 januari 2016, 5 maart 2019, 21 januari 2020 en 27 juli 2021 beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor [eisers] mede door J.H.G. Hordijk.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
2 Beoordeling van het middel in het principale beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van deze arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van de arresten van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.015,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 3 februari 2023.