Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Geschil tussen broer en zus over uitleg testament vader; art. 4:46 lid 1 BW.
Hoge Raad, 24 februari 2023
ECLI:NL:HR:2023:289 · Hoge Raad · 24 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-289
Zaakgegevens
Op 24 februari 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 24 februari 2023
- Datum publicatie
- 23 februari 2023
- Zaaknummer
- 22/00805
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- A.C van Schaick, H.J.W. Alt
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:289
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Geschil tussen broer en zus over uitleg testament vader; art. 4:46 lid 1 BW.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 25 januari 2022
ECLI:NL:GHARL:2022:534Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 18 november 2022
ECLI:NL:PHR:2022:1094Hoge Raad · 24 februari 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:289
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/00805
Datum 24 februari 2023
ARREST
In de zaak van
[de zus],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de zus,
advocaat: A.C. van Schaick,
tegen
[de broer],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de broer,
advocaat: H.J.W. Alt.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak NL18.6836 van de rechtbank Midden-Nederland van 2 november 2018;
b. de arresten in de zaak 200.255.293 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 september 2021 en 25 januari 2022.
De zus heeft tegen het arrest van het hof van 25 januari 2022 beroep in cassatie ingesteld.
De broer heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de broer toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de zus heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.B. ter Heide, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 24 februari 2023.