Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad (amotie van chalet). Is (mogelijkheid van) schade voldoende aannemelijk…

Hoge Raad, 17 maart 2023

Zaakgegevens

Op 17 maart 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17 maart 2023
Datum publicatie
16 maart 2023
Zaaknummer
22/01251
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
K. Aantjes
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:419
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad (amotie van chalet). Is (mogelijkheid van) schade voldoende aannemelijk gemaakt?

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 8 februari 2022

    ECLI:NL:GHARL:2022:979
  2. Conclusie A-G · 16 december 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:1175
  3. Hoge Raad · 17 maart 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:419

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 22/01251

Datum 17 maart 2023

ARREST

In de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

hierna: [eiser],

advocaat: K. Aantjes,

tegen

[verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

niet verschenen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/18/165986 / HA ZA 16-67 van de rechtbank Noord-Nederland van 30 november 2016 en 17 juli 2019;

b. de arresten in de zaak 200.268.947/03 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 januari 2020 en 8 februari 2022.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof van 8 februari 2022 beroep in cassatie ingesteld.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 17 maart 2023.