Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Causaal verband. Bewijslastverdeling.

Hoge Raad, 17 maart 2023

Zaakgegevens

Op 17 maart 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17 maart 2023
Datum publicatie
16 maart 2023
Zaaknummer
22/00518
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
R.J. van Galen.
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:420
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Causaal verband. Bewijslastverdeling.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 9 december 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:1153
  2. Hoge Raad · 17 maart 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:420

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 22/00518

Datum 17 maart 2023

ARREST

In de zaak van

[eiseres] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

hierna: [eiseres],

advocaten: J.W. de Jong en S.M. Kingma,

tegen

1. [verweerder 1],

wonende te [woonplaats],

2. [verweerder 2],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna: [verweerders],

advocaat: R.J. van Galen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/613242/HA ZA 16-790 van de rechtbank Amsterdam van 15 februari 2017, 21 februari 2018 en 17 april 2019;

b. het arrest in de zaak 200.266.749/01 van het gerechtshof Amsterdam van 16 november 2021.

[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerders] mede door B.F.L.M. Schim.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van [eiseres] hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 2.135,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.H. Sieburgh, als voorzitter, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 17 maart 2023.