Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Bevoegdheidsverdeling tussen belastingrechter en burgerlijke rechter in…
Hoge Raad, 26 mei 2023
ECLI:NL:HR:2023:782 · Hoge Raad · 26 mei 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-782
Zaakgegevens
Op 26 mei 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 mei 2023
- Datum publicatie
- 25 mei 2023
- Zaaknummer
- 20/03486
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- J.W.H van Wijk, D. Rijpma
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:782
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Bevoegdheidsverdeling tussen belastingrechter en burgerlijke rechter in interregionaal verband. Verwijzing naar HR 21 april 2023, ECLI:NL:HR:2023:543.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 24 december 2021
ECLI:NL:PHR:2021:1241Hoge Raad · 26 mei 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:782
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/03486
Datum 26 mei 2023
ARREST
In de zaak van
1. DE ONTVANGER VAN DE BELASTINGDIENST/MIDDEN EN KLEINBEDRIJF,
gevestigd te Den Haag,
2. DE STAAT DER NEDERLANDEN (DE INSPECTEUR VAN DE BELASTINGDIENST/MIDDEN EN KLEINBEDRIJF),
zetelende te Den Haag,
VERZOEKERS tot cassatie,
hierna: de Ontvanger en de Inspecteur,
advocaat: J.W.H. van Wijk,
tegen
1. [de vennootschap] N.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats],
2. YVOMANTE CORPORATION N.V.,
gevestigd in Curaçao,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna: de Vennootschap en Yvomante,
niet verschenen,
3. MALONE LTD.,
gevestigd in Malta,
4. MITASCO CORPORATION N.V.,
gevestigd in Curaçao,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: Malone c.s.,
advocaat: D. Rijpma.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
het vonnis in de zaak CUR201703831 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 6 december 2018;
-
het vonnis in de zaak CUR201703831/CUR2019H00009 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 28 juli 2020.
De Ontvanger en de Inspecteur hebben tegen het vonnis van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Malone c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Vennootschap en Yvomante hebben geen verweer gevoerd.
De zaak is voor de Ontvanger, de Inspecteur en Malone c.s. toegelicht door hun advocaten, en voor de Ontvanger en de Inspecteur mede door J.W. de Jong.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de Ontvanger en de Inspecteur heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt de Ontvanger en de Inspecteur in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Malone c.s. begroot op € 831,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien de Ontvanger en de Inspecteur deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan en aan de zijde van de Vennootschap en Yvomante begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 26 mei 2023.