Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Letselschade. Val door voordeur die niet was voorzien van veiligheidsglas…
Hoge Raad, 2 juni 2023
ECLI:NL:HR:2023:837 · Hoge Raad · 2 juni 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-837
Zaakgegevens
Op 2 juni 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 2 juni 2023
- Datum publicatie
- 1 juni 2023
- Zaaknummer
- 22/01371
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- A.H. Vermeulen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:837
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Letselschade. Val door voordeur die niet was voorzien van veiligheidsglas. Kelderluikcriteria. NEN-norm.
Procesgang
Uitspraak · 2020
ECLI:NL:RBLIM:2020:312Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 18 januari 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:103Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 maart 2023
ECLI:NL:PHR:2023:283Hoge Raad · 2 juni 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:837
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/01371
Datum 2 juni 2023
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: A.H. Vermeulen,
tegen
WONINGSTICHTING MAASVALLEI MAASTRICHT,
gevestigd te Maastricht,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Maasvallei,
advocaten: G.C. Nieuwland en P.J. Tanja.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/03/252868 / HA ZA 18-379 van de rechtbank Limburg van 15 januari 2020;
b. het arrest in de zaak 200.274.086/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 18 januari 2022.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Maasvallei heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor Maasvallei toegelicht door haar advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Maasvallei begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 2 juni 2023.