Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging borgtocht door echtgenoot (art. 1:88 lid 1 sub c BW). Verjaring (art. 3:52 lid…

Hoge Raad, 15 maart 2024

Zaakgegevens

Op 15 maart 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 maart 2024
Datum publicatie
14 maart 2024
Zaaknummer
23/00603
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
J.P van den Berg, F.J. Fernhout
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:398
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging borgtocht door echtgenoot (art. 1:88 lid 1 sub c BW). Verjaring (art. 3:52 lid 1 sub d BW). Daadwerkelijke bekendheid? Art. 149 Rv.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 15 november 2022

    ECLI:NL:GHSHE:2022:3933
  2. Conclusie A-G · 2 februari 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:114
  3. Hoge Raad · 15 maart 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:398

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 23/00603

Datum 15 maart 2024

ARREST

In de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats], België,

EISER tot cassatie,

hierna: [eiser],

advocaat: J.P. van den Berg,

tegen

[verweerder],

wonende te [woonplaats], België,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

advocaat: F.J. Fernhout.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak 4704402 CV EXPL 15-12863 van de rechtbank Limburg van 4 mei 2016 en 21 juni 2017;

b. de arresten in de zaak 200.224.038/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 23 oktober 2018, 14 januari 2020 en 15 november 2022.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof van 15 november 2022 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.J.P. Lock, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 15 maart 2024.