Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Misleidende handelspraktijken. Merkenrecht. Verkoop van inktcartridges zonder originele…
Hoge Raad, 10 juli 2026
ECLI:NL:HR:2026:1249 · Hoge Raad · 10 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-1249
Zaakgegevens
Op 10 juli 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juli 2026
- Datum publicatie
- 9 juli 2026
- Zaaknummer
- 25/02035
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- A.M van Aerde, H.J.W. Alt
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:1249
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Misleidende handelspraktijken. Merkenrecht. Verkoop van inktcartridges zonder originele buitenverpakking.
Procesgang
Rechtbank Den Haag · 14 juni 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:8658Rechtbank Den Haag · 18 augustus 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:12334Gerechtshof Den Haag · 8 april 2025
ECLI:NL:GHDHA:2025:735(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 24 april 2026
ECLI:NL:PHR:2026:437Hoge Raad · 10 juli 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:1249
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/02035
Datum 10 juli 2026
ARREST
In de zaak van
1. HP INC.,
gevestigd te Wilmington, Delaware, Verenigde Staten van Amerika,
2. HEWLETT-PACKARD DEVELOPMENT COMPANY, L.P.,
gevestigd te Spring, Texas, Verenigde Staten van Amerika,
3. HP EUROPE B.V.,
gevestigd te Amstelveen,
4. HP NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Amstelveen,
EISERESSEN tot cassatie, verweersters in het incidentele cassatieberoep,
hierna: HP,
advocaat: A.M. van Aerde,
tegen
1. DIGITAL REVOLUTION B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. 123 INKT BVBA,
gevestigd te Gent, België,
3. 123 TINTA SL,
gevestigd te Azuquecade Henares, Spanje,
4. INK MAESTRO LIMITED,
gevestigd te Dublin, Ierland,
5. 123 INK AB,
gevestigd te Jordbro, Zweden,
6. 123 DRUKUJ.PL SP. Z O.O.,
gevestigd te Zerniki Wroclawskie, Polen,
VERWEERSTERS in cassatie, eiseressen in het incidentele cassatieberoep,
hierna: DR,
advocaat: H.J.W. Alt.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/09/644311 / KG ZA 23-199 van de rechtbank Den Haag van 14 juni 2023;
b. het arrest in de zaken 200.329.905/01 en 200.332.676/01 van het gerechtshof Den Haag van 8 april 2025.
HP heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
DR heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer tot verwerping geconcludeerd.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor DR mede door Th.C.J.A. van Engelen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het principale en het incidentele cassatieberoep en geeft de Hoge Raad in overweging dat te doen met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
De advocaten van partijen hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Partijen zijn overeengekomen dat de kosten in het principale beroep op de voet van art. 1019h Rv kunnen worden begroot op het indicatietarief in IE-zaken Hoge Raad voor een normale zaak als bedoeld in die tarieven. De kosten aan de zijde van DR worden aldus begroot op € 24.000,-- (kosten tot en met schriftelijke toelichting) plus € 3.600,-- (dupliek) en € 2.400,-- (borgersbrief).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
in het principale beroep:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt HP in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van DR begroot op € 30.000,--;
in het incidentele beroep:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt DR in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van HP begroot op € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.R. Salomons op 10 juli 2026.