Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst van opdracht. Zorgplicht opdrachtnemer (art. 7:401 BW). Uitleg. Geschil over…
Hoge Raad, 13 maart 2026
ECLI:NL:HR:2026:402 · Hoge Raad · 13 maart 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-402
Zaakgegevens
Op 13 maart 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 maart 2026
- Datum publicatie
- 12 maart 2026
- Zaaknummer
- 25/00971
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- S.M Kingma, A.C. van Schaick
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:402
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst van opdracht. Zorgplicht opdrachtnemer (art. 7:401 BW). Uitleg. Geschil over vraag of opdrachtnemer toerekenbaar is tekortgeschoten in verplichtingen uit overeenkomst tot levering van software en over daaruit voortvloeiende schade. Kon hof oordelen dat tekortschieten is gelegen in niet voldoen aan gewekte verwachtingen over software en schenden zorgplicht?
Procesgang
Rechtbank Oost-Brabant · 12 juli 2023
ECLI:NL:RBOBR:2023:3581Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 17 december 2024
ECLI:NL:GHSHE:2024:4059Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 16 januari 2026
ECLI:NL:PHR:2026:93Hoge Raad · 13 maart 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:402
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/00971
Datum 13 maart 2026
ARREST
In de zaak van
GAC GROUP OF COMPANIES B.V.,
gevestigd te Oirschot,
EISERES tot cassatie,
hierna: GAC,
advocaat: S.M. Kingma,
tegen
1. VERANO B.V.,
gevestigd te Best,
2. ALCRE (BEST) B.V.,
gevestigd te Best,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna: Verano c.s.,
advocaat: A.C. van Schaick.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/01/378241 / HA ZA 22-34 van de rechtbank Oost-Brabant van 11 mei 2022 en 12 juli 2023;
b. het arrest in de zaak 200.334.143/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 17 december 2024.
GAC heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Verano c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van GAC heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt GAC in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Verano c.s. begroot op € 8.508,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien GAC deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, H.M. Wattendorff en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 13 maart 2026.