Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Wvggz. Medische verklaring (art. 5:8 Wvggz). Mocht rechtbank in deelbeschikking uitgaan van…
Hoge Raad, 22 mei 2026
ECLI:NL:HR:2026:783 · Hoge Raad · 22 mei 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-783
Zaakgegevens
Op 22 mei 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 mei 2026
- Datum publicatie
- 21 mei 2026
- Zaaknummer
- 25/03779
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- D. Rijpma
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:783
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Wvggz. Medische verklaring (art. 5:8 Wvggz). Mocht rechtbank in deelbeschikking uitgaan van medische verklaring? Samenhang met zaak 25/04134 (beroep tegen eindbeschikking).
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 maart 2026
ECLI:NL:PHR:2026:234Hoge Raad · 22 mei 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:783
Hoge Raad · 22 mei 2026
ECLI:NL:HR:2026:789
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/03779
Datum 22 mei 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: D. Rijpma,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT DEN HAAG,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de (deel)beschikking in de zaak C/09/687794 / FA RK 25-4957 van de rechtbank Den Haag van 23 juli 2025.
Betrokkene heeft tegen de (deel)beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.J.P. Lock, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 22 mei 2026.