Insolventierecht

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Beëindiging schuldsanering zonder schone lei. Informatieplicht. Discretionaire…

Hoge Raad, 6 juni 2014

Zaakgegevens

Op 6 juni 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
6 juni 2014
Datum publicatie
6 juni 2014
Zaaknummer
14/01449
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:1350
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Beëindiging schuldsanering zonder schone lei. Informatieplicht. Discretionaire bevoegdheid rechter bij toepassing art. 349a Fw (verlenging termijn).

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 11 maart 2014

    ECLI:NL:GHAMS:2014:1607
  2. Conclusie A-G · 11 april 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:341
  3. Hoge Raad · 6 juni 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:1350

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

6 juni 2014

Eerste Kamer

nr. 14/01449

EV/NH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoekster],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak met het insolventienummer C/14/10/300 R van de rechtbank Noord-Holland van 24 december 2013;

b. het arrest in de zaak 200.139.476/01 van het gerechtshof Amsterdam van 11 maart 2014.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem – Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja – van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 6 juni 2014.