Insolventierecht

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Weigering toelating. Verzoeker niet te goeder trouw ten aanzien van ontstaan schulden…

Hoge Raad, 11 juli 2014

Zaakgegevens

Op 11 juli 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11 juli 2014
Datum publicatie
10 juli 2014
Zaaknummer
14/02455
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:1662
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Weigering toelating. Verzoeker niet te goeder trouw ten aanzien van ontstaan schulden (art. 288 lid 1, aanhef en sub b, Fw). Hardheidsclausule (art. 288 lid 3 Fw).

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 13 juni 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:668
  2. Hoge Raad · 11 juli 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:1662

    Conclusie gevolgd

  3. Uitspraak · 2014

    ECLI:NL:GHARL:2014:3780

    Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

11 juli 2014

Eerste Kamer

nr. 14/02455

EV/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoeker],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak C/18/145387/FT-RK 13.1403 van de rechtbank Noord-Nederland van 20 maart 2014;

b. het arrest in de zaak 200.144.275/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 mei 2014.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 11 juli 2014.