Insolventierecht
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Salaris curator (art. 65 en 71 Fw). Wettelijke rente over salaris…
Hoge Raad, 8 mei 2015
ECLI:NL:HR:2015:1223 · Hoge Raad · 8 mei 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-1223
Zaakgegevens
Op 8 mei 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 mei 2015
- Datum publicatie
- 8 mei 2015
- Zaaknummer
- 14/04651
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:1223
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Salaris curator (art. 65 en 71 Fw). Wettelijke rente over salaris. Kosten van voorfinanciering salaris. Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseances van betaling. Geen bijzondere omstandigheden die afwijken van de richtlijnen rechtvaardigen. Onderbouwing verzoek tot salaris door curator. Schending art. 6 en 3 EVRM en art. 47 EU-Handvest (fair play beginsel)?
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 20 maart 2015
ECLI:NL:PHR:2015:312Hoge Raad · 8 mei 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:1223
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
8 mei 2015
Eerste Kamer
nr. 14/04651
LZ/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
T.H. PASMA, in zijn hoedanigheid van curator in de faillissementen van
- Euro Consultants Noord B.V.,
- [A] B.V,
- [betrokkene],
kantoorhoudende te Harlingen,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als de curator.
1 Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/17/03/74 F, C/17/03/173 en C/17/04/30 van de rechtbank Noord-Nederland van 18 juni 2014.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de rechtbank heeft de curator beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de curator heeft bij brief van 1 april 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 8 mei 2015.