Insolventierecht

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging schuldsanering. Toerekenbare tekortkoming schuldenaar?…

Hoge Raad, 5 oktober 2018

Zaakgegevens

Op 5 oktober 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
5 oktober 2018
Datum publicatie
4 oktober 2018
Zaaknummer
18/01679
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. S. Kousedghi.
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:1847
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging schuldsanering. Toerekenbare tekortkoming schuldenaar? Vervolg op HR 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:110, NJ 2017/76 en HR 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:145, NJ 2018/90. Monitoring aanvraag beschermingsbewind door bewindvoerder.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 18 juli 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:1108
  2. Hoge Raad · 5 oktober 2018deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2018:1847

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

5 oktober 2018

Eerste Kamer

18/01679

LZ/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoekster],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. S. Kousedghi.

Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].

1 Het geding

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:

a. zijn arrest in de zaak 16/02831 van 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:110, NJ 2017/76;

b. zijn arrest in de zaak 17/04689 van 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:145, NJ 2018/90;

c. het arrest in de zaak 200.234.792 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 april 2018.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het derde geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping.

De advocaat van [verzoekster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 5 oktober 2018.