Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Beëindiging samenwerking tussen vennootschappen. Financiële…
Hoge Raad, 11 oktober 2019
ECLI:NL:HR:2019:1563 · Hoge Raad · 11 oktober 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-1563
Zaakgegevens
Op 11 oktober 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 oktober 2019
- Datum publicatie
- 10 oktober 2019
- Zaaknummer
- 18/03813
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.E. Bruning
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:1563
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Beëindiging samenwerking tussen vennootschappen. Financiële afwikkeling managementovereenkomsten. Uitleg.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 5 juni 2018
ECLI:NL:GHDHA:2018:1251Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 28 juni 2019
ECLI:NL:PHR:2019:1035Hoge Raad · 11 oktober 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:1563
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/03813
Datum 11 oktober 2019
ARREST
In de zaak van
1. INNOPARKING B.V., voorheen InnoCapital B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. PURCEL B.V., voorheen Pursel B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERESSEN tot cassatie,
hierna gezamenlijk: InnoParking c.s.,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
tegen
PINK AND NELSON B.V.,
gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: P&N,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaken C/09/449050/HA ZA 13-925 en C/09/450090/HA ZA 13-991 van de rechtbank Den Haag van 11 december 2013 (voegingsincident) en 8 juli 2015;
b. het arrest in de zaak 200.185.171/01 van het gerechtshof Den Haag van 5 juni 2018.
InnoParking c.s. hebben tegen het arrest van het gerechtshof beroep in cassatie ingesteld. Tegen P&N is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
De advocaat van InnoParking c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt InnoParking c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van P&N begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 11 oktober 2019.