Verbintenissenrecht

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid beleggingsadviseur. Handelen zonder vergunning; art…

Hoge Raad, 17 juli 2020

Zaakgegevens

Op 17 juli 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17 juli 2020
Datum publicatie
15 juli 2020
Zaaknummer
19/03134
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:1284
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid beleggingsadviseur. Handelen zonder vergunning; art. 2:96 Wet op het financieel toezicht. Onrechtmatige daad. Schade. Causaal verband?

Procesgang

  1. Rechtbank Gelderland · 10 september 2014

    ECLI:NL:RBGEL:2014:6129
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 2 april 2019

    ECLI:NL:GHARL:2019:2900
  3. Conclusie A-G · 24 april 2020

    ECLI:NL:PHR:2020:419
  4. Hoge Raad · 17 juli 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:1284

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/03134

Datum 17 juli 2020

ARREST

In de zaak van

1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],

2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

hierna: [eisers],

advocaat: H.J.W. Alt,

tegen

[verweerder],
wonende te [woonplaats], Spanje,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/05/255985/HA ZA 13-833 van de rechtbank Gelderland van 4 juni 2014 en 10 september 2014;

  2. de arresten in de zaak 200.162.619 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 april 2017 en 2 april 2019.

[eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 2 april 2019 beroep in cassatie ingesteld.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De zaak is voor [eisers] toegelicht door hun advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 17 juli 2020.