Verbintenissenrecht

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Waterschap koopt strook grond. Welke maatstaf geldt bij uitleg van…

Hoge Raad, 25 november 2022

Zaakgegevens

Op 25 november 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25 november 2022
Datum publicatie
24 november 2022
Zaaknummer
21/03901
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
C.S.G Janssens, H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1731
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Waterschap koopt strook grond. Welke maatstaf geldt bij uitleg van beding in leveringsakte over verrrekening van over- en ondermaat?

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 23 september 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:847
  2. Hoge Raad · 25 november 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1731

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/03901

Datum 25 november 2022

ARREST

In de zaak van

HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER,

zetelende te Heerhugowaard,

EISER tot cassatie,

hierna: HHNK,

advocaat: C.S.G. Janssens,

tegen

  1. [erfgenaam 1],

  2. [erfgenaam 2],

beiden wonende te [woonplaats],

in hun hoedanigheid van de gezamenlijke erfgenamen van [erflater],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna: de erfgenamen,

advocaat: H.J.W. Alt.

1 Procesverloop in cassatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak 7374674 \ CV EXPL 18-5895 van de rechtbank Noord-Holland van 23 mei 2019;

b. het arrest in de zaak 200.265.202/01 van het gerechtshof Amsterdam van 15 juni 2021.

HHNK heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De erfgenamen hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de advocaat-generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van HHNK heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt HHNK in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de erfgenamen begroot op € 421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien HHNK deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 25 november 2022.