Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid belastingadviseur voor beroepsfout. Klachten over…
Hoge Raad, 22 april 2022
ECLI:NL:HR:2022:613 · Hoge Raad · 22 april 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2022-613
Zaakgegevens
Op 22 april 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 april 2022
- Datum publicatie
- 21 april 2022
- Zaaknummer
- 20/03569
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- Y.E.J Geradts, B.I. Kraaipoel
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2022:613
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid belastingadviseur voor beroepsfout. Klachten over grenzen rechtsstrijd en onjuiste toepassing van belastingrecht.
Procesgang
Uitspraak · 2017
ECLI:NL:RBZWB:2017:1166Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 4 augustus 2020
ECLI:NL:GHSHE:2020:2467Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 november 2021
ECLI:NL:PHR:2021:1130Hoge Raad · 22 april 2022deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2022:613
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/03569
Datum 22 april 2022
ARREST
In de zaak van
[Senior],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [Senior],
advocaat: Y.E.J. Geradts,
tegen
[de Stichting],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: ABAB,
advocaat: B.I. Kraaipoel.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/02/304844 / HA ZA 15-605 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 30 december 2015 en 22 februari 2017;
-
het arrest in de zaak 200.218.323/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 4 augustus 2020.
[Senior] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
ABAB heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P.J. Wattel strekt tot verwerping.
De advocaat van [Senior] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt [Senior] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ABAB begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, H.M. Wattendorff en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 22 april 2022.