Verbintenissenrecht

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid bezitter opstal. Art. 6:174 BW. Is verhuurder van…

Hoge Raad, 13 oktober 2023

Zaakgegevens

Op 13 oktober 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13 oktober 2023
Datum publicatie
12 oktober 2023
Zaaknummer
22/02997
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
P.J Tanja, G.J. Harryvan
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1449
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid bezitter opstal. Art. 6:174 BW. Is verhuurder van bedrijfsruimte aansprakelijk voor schade die huurder heeft geleden als gevolg van gebrek aan vloer?

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 10 mei 2022

    ECLI:NL:GHAMS:2022:1401
  2. Conclusie A-G · 16 juni 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:591
  3. Hoge Raad · 13 oktober 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:1449

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 22/02997

Datum 13 oktober 2023

ARREST

In de zaak van

[eiseres] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

hierna: [eiseres],

advocaat: P.J. Tanja,

tegen

GAZELEY NETHERLANDS COÖPERATIEF U.A.,

gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Gazeley,

advocaat: G.J. Harryvan.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak 6961269 \ CV EXPL 18-4457 van de rechtbank Noord-Holland van 29 mei 2019;

b. de arresten in de zaak 200.265.491/01 van het gerechtshof Amsterdam van 24 september 2019 en 10 mei 2022.

[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof van 10 mei 2022 beroep in cassatie ingesteld.

Gazeley heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor [eiseres] mede door M.W. Bakker.

De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Gazeley begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiseres] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren F.R. Salomons en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 13 oktober 2023.