Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid van grondroerder voor graafschade. Onzorgvuldige…
Hoge Raad, 16 juni 2023
ECLI:NL:HR:2023:930 · Hoge Raad · 16 juni 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-930
Zaakgegevens
Op 16 juni 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 juni 2023
- Datum publicatie
- 15 juni 2023
- Zaaknummer
- 22/02437
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- H.J.W Alt, T. van Malssen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:930
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Aansprakelijkheid van grondroerder voor graafschade. Onzorgvuldige voorbereiding en/of uitvoering van graafwerkzaamheden? Juiste toepassing van ECLI:NL:HR:2018:772? Miskenning van Richtlijn CROW 500 en gewicht van kelderluikfactoren? Csqn-verband. Juiste toepassing van omkeringsregel?
Procesgang
Rechtbank Rotterdam · 29 mei 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:4736Gerechtshof Den Haag · 5 april 2022
ECLI:NL:GHDHA:2022:422Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 april 2023
ECLI:NL:PHR:2023:430Hoge Raad · 16 juni 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:930
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/02437
Datum 16 juni 2023
ARREST
In de zaak van
EVIDES N.V.,
gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
hierna: Evides,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
VISSER & SMIT HANAB B.V.,
gevestigd te Papendrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: V&SH,
advocaat: T. van Malssen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 7909646 \ CV EXPL 19-30344 van de rechtbank Rotterdam van 4 september 2019 en 29 mei 2020;
b. het arrest in de zaak 200.284.769/01 van het gerechtshof Den Haag van 5 april 2022.
Evides heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
V&SH heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor V&SH toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Evides heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Evides in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van V&SH begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 16 juni 2023.