Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg overeenkomst van schenking tussen grootouders en kleinkinderen…
Hoge Raad, 27 september 2024
ECLI:NL:HR:2024:1308 · Hoge Raad · 27 september 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2024-1308
Zaakgegevens
Op 27 september 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 27 september 2024
- Datum publicatie
- 26 september 2024
- Zaaknummer
- 23/03480
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- H.J.W Alt, R.K. van der Brugge
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2024:1308
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg overeenkomst van schenking tussen grootouders en kleinkinderen. Passeren aanbod tegenbewijs.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 6 juni 2023
ECLI:NL:GHARL:2023:4770Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 juni 2024
ECLI:NL:PHR:2024:732Hoge Raad · 27 september 2024deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2024:1308
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/03480
Datum 27 september 2024
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [eiseres] B.V.,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
1. [kleinkind 1],
wonende te [woonplaats],
2. [kleinkind 2],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: [kleinkinderen 1 en 2],
advocaat: R.K. van der Brugge.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/17/177491 / HA ZA 21-43 van de rechtbank Noord-Nederland van 19 mei 2021 en 20 oktober 2021;
b. de arresten in de zaak 200.304.834/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 mei 2022, 31 januari 2023 en 6 juni 2023.
[eiseres] B.V. heeft tegen de arresten van het hof van 31 januari 2023 en 6 juni 2023 beroep in cassatie ingesteld.
[kleinkinderen 1 en 2] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [kleinkinderen 1 en 2] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] B.V. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van de arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseres] B.V. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [kleinkinderen 1 en 2] begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, F.J.P. Lock en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 27 september 2024.