Verbintenissenrecht

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad (art. 6:170 BW). Uitleg van vrijwaringsbeding in…

Hoge Raad, 22 november 2024

Zaakgegevens

Op 22 november 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22 november 2024
Datum publicatie
22 november 2024
Zaaknummer
23/03332
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
J Streefkerk, B.I. Kraaipoel
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:1725
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad (art. 6:170 BW). Uitleg van vrijwaringsbeding in overeenkomst met payrollbedrijf.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 30 mei 2023

    ECLI:NL:GHAMS:2023:1237
  2. Conclusie A-G · 4 oktober 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:1012
  3. Hoge Raad · 22 november 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:1725

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 23/03332

Datum 22 november 2024

ARREST

In de zaak van

UNIQUE NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Almere,

EISERES tot cassatie,

hierna: Unique,

advocaat: J. Streefkerk,

tegen

GEMEENTE AMSTERDAM,

zetelende te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: de Gemeente,

advocaat: B.I. Kraaipoel.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/653076 / HA ZA 18-861 van de rechtbank Amsterdam van 17 april 2019 en 2 oktober 2019;

b. het arrest in de zaak 200.271.969/01 van het gerechtshof Amsterdam van 30 mei 2023.

Unique heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

De Gemeente heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Unique heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt Unique in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Unique deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, F.J.P. Lock, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 22 november 2024.