Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg van samenwerkingsovereenkomst.
Hoge Raad, 19 december 2025
ECLI:NL:HR:2025:1953 · Hoge Raad · 19 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2025-1953
Zaakgegevens
Op 19 december 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 december 2025
- Datum publicatie
- 18 december 2025
- Zaaknummer
- 25/00604
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- J.H.M. van Swaaij
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1953
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg van samenwerkingsovereenkomst.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 19 november 2024
ECLI:NL:GHARL:2024:7028Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 november 2025
ECLI:NL:PHR:2025:1206Hoge Raad · 19 december 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1953
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/00604
Datum 19 december 2025
ARREST
In de zaak van
1. AUTOGELD LEASE B.V.,
gevestigd te IJsselstein,
2. [eiser 2],
wonende te [plaats],
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: Autogeld c.s.,
advocaat: J.H.M. van Swaaij,
tegen
1. [verweerster 1] B.V.,
gevestigd te [plaats],
2. [verweerder 2],
wonende te [plaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: [verweerders],
niet verschenen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/16/540037 / HA ZA 22-325 van de rechtbank Midden-Nederland van 14 juni 2023;
b. de arresten in de zaak 200.329.593 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 april 2024 en 19 november 2024.
Autogeld c.s. hebben tegen het arrest van het hof van 19 november 2024 beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerders] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Autogeld c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Autogeld c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 19 december 2025.