Verbintenissenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Verbintenissenrecht. Geschil over bouw villa. Opzegging door opdrachtgever…
Hoge Raad, 6 november 2026
ECLI:NL:HR:2026:1823 · Hoge Raad · 6 november 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/verbintenissenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-1823
Zaakgegevens
Op 6 november 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 6 november 2026
- Datum publicatie
- 6 november 2026
- Zaaknummer
- 25/02728
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- J.C. Zevenberg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:1823
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Caribische zaak. Verbintenissenrecht. Geschil over bouw villa. Opzegging door opdrachtgever van aannemingsovereenkomst. Restant aanneemsom aan aannemer toegewezen onder aftrek bedrag vanwege besparingen voor aannemer door opzegging. Bedrag besparingen mede gebaseerd op door gerecht in eerste aanleg gelast deskundigenbericht. Bruikbaarheid deskundigenbericht. Onjuiste toepassing bewijslastverdeling art. 7:764 BW?
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 juli 2026
ECLI:NL:PHR:2026:732Hoge Raad · 6 november 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:1823
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/02728
Datum 6 november 2026
ARREST
In de zaak van
1. HALCYON ADVISORS INTERNATIONAL LTD.,
gevestigd te Nevis,
2. [eiser 2] ,
wonende in [woonplaats] ,
EISERS tot cassatie,
hierna: Halcyon c.s.,
advocaat: J.C. Zevenberg,
tegen
HARROD CONSTRUCTION N.V. handelend onder de naam ATLAS CONSTRUCTION,
gevestigd in Sint Maarten,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Atlas,
advocaten: J.W.H. van Wijk en G.J. Harryvan.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak SXM2014-13 (eerder: 2014/98) van het Gerecht in eerste aanleg van 12 januari 2016, 19 juli 2016, 7 februari 2017, 17 juli 2017, 14 november 2018, 14 mei 2019, 12 januari 2021, 11 januari 2022 en 29 november 2022;
b. het vonnis in de zaak SXM201400013 en SXM2023H00004 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 14 mei 2025.
Halcyon c.s. hebben tegen het vonnis van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Atlas heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor Atlas toegelicht door haar advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Halcyon c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van het vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Halcyon c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Atlas begroot op € 3.004,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Halcyon c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.E. du Perron als voorzitter en de raadsheren F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.R. Salomons op 6 november 2026.