Strafrecht overig

Poging tot doodslag door in 2019 in Norg een ander in haar woning bij haar keel te grijpen en die keel…

Hoge Raad, 29 augustus 2023

Zaakgegevens

Op 29 augustus 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29 augustus 2023
Datum publicatie
28 augustus 2023
Zaaknummer
22/03753
Procedure
Artikel 80a RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1137
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Poging tot doodslag door in 2019 in Norg een ander in haar woning bij haar keel te grijpen en die keel dichtgeknepen te houden (art. 287 Sr) en mishandeling (meermalen gepleegd) door in 2019 in Berltsum twee anderen in een pension in hun gezicht te stompen (art. 300.1 Sr).

HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 30 september 2022

    ECLI:NL:GHARL:2022:8379
  2. Hoge Raad · 29 augustus 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:1137

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/03753

Datum 29 augustus 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 30 september 2022, nummer 21-002318-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.J. Hoogendoorn, advocaat te Utrecht, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 augustus 2023.