Strafrecht overig

Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen en deelneming aan criminele organisatie. Methode van…

Zaakgegevens

Op 19 november 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 november 2024
Datum publicatie
15 november 2024
Zaaknummer
23/00684
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:1676
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen en deelneming aan criminele organisatie. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.3 (oud) Sr. 1. Afwijzing van bij appelschriftuur gedane, ttz. in hoger beroep gehandhaafde en op nadere tz. in h.b. herhaalde verzoeken tot het horen van getuigen (ter betwisting van gevolgtrekkingen in financieel rapport) op de grond dat betrokkene daardoor redelijkerwijs niet in zijn verdediging wordt geschaad. 2. Kon hof oordelen dat onschuldpresumptie niet aan de orde is indien w.v.v. is berekend aan de hand van eenvoudige kasopstelling?

HR: art. 81.1 RO. Samenhang met ECLI:NL:HR:2012:BX9572 (strafzaak).

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 21 februari 2023

    ECLI:NL:GHAMS:2023:467
  2. Conclusie A-G · 3 september 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:890
  3. Hoge Raad · 19 november 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:1676

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/00684 P

Datum 19 november 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 21 februari 2023, nummer 23-000694-16, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste

van

[betrokkene],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947,

hierna: de betrokkene.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft R. Zilver, advocaat in Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman van de betrokkene heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 november 2024.