Strafrecht overig
Betekeningsperikelen. Gelet op ‘s Hofs vaststelling van het adres van verdachte, behoeft het in het arrest…
ECLI:NL:HR:2010:BK9229 · Hoge Raad · 9 maart 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2010-bk9229
Zaakgegevens
Op 9 maart 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 maart 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/03170
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2010:BK9229
Samenvatting
Betekeningsperikelen. Gelet op ‘s Hofs vaststelling van het adres van verdachte, behoeft het in het arrest besloten liggende oordeel dat de dagvaarding in hb rechtsgeldig is betekend, nadere motivering. De Hoge Raad verklaart de appeldagvaarding om doelmatigheidsredenen nietig.
Procesgang
Hoge Raad · 9 maart 2010deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2010:BK9229
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 9 maart 2010
ECLI:NL:PHR:2010:BK9229
Uitspraak
9 maart 2010
Strafkamer
nr. 08/03170
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 mei 2007, nummer 22/003557-06, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G.M. van der Ent, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot nietigverklaring van de dagvaarding in hoger beroep.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel klaagt over de betekening van de appeldagvaarding.
2.2. Bij de stukken van het geding bevinden zich:
(a) het dubbel van de dagvaarding van de verdachte om te verschijnen ter terechtzitting in hoger beroep van 24 april 2007 dat als adres vermeldt: [a-straat 1] te [plaats];
(b) een aan dat dubbel gehechte akte van uitreiking die inhoudt dat die dagvaarding is uitgereikt op de wijze als voorzien in art. 588, derde lid onder c, Sv nadat op voormeld adres niemand was aangetroffen;
(c) het proces-verbaal van genoemde terechtzitting waaruit blijkt dat de verdachte aldaar niet is verschenen en tegen hem verstek is verleend.
Het bestreden arrest vermeldt als adres van de verdachte: [b-straat 1] te [plaats].
Gelet op deze vaststelling door het Hof van het adres van de verdachte, behoeft het in het bestreden arrest besloten liggende oordeel dat de dagvaarding in hoger beroep - uitgereikt op de wijze als hiervoor onder (b) vermeld - rechtsgeldig is betekend, nadere motivering. Het middel klaagt terecht over het ontbreken van deze motivering.
De bestreden uitspraak kan dus niet in stand blijven. De Hoge Raad zal de appeldagvaarding om doelmatigheidsredenen nietig verklaren.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 9 maart 2010.