Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 4 juni 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 juni 2013
Datum publicatie
22 juni 2013
Zaaknummer
11/02674
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:CA1779
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR: 81.1 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 4 juni 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:CA1779

  2. Conclusie A-G · 4 juni 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:CA1779

Uitspraak

4 juni 2013

Strafkamer

nr. S 11/02674

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 26 april 2011, nummer 22/000558-10, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest wat betreft de opgelegde straf, tot vermindering daarvan en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 juni 2013.