Strafrecht overig

OM-cassatie. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:120. Poging tot doodslag, ripdeal, ontslag van alle rechtsvervolging…

Zaakgegevens

Op 28 februari 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28 februari 2017
Datum publicatie
27 februari 2017
Zaaknummer
16/00413
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:320
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

OM-cassatie. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:120. Poging tot doodslag, ripdeal, ontslag van alle rechtsvervolging. Noodweer. HR: art. 80a RO.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 31 januari 2017

    ECLI:NL:PHR:2017:87
  2. Hoge Raad · 28 februari 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2017:320

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

Inhoudsopgave

28 februari 2017

Strafkamer

nr. S 16/00413

EC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 6 oktober 2015, nummer 21/000960-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof. Deze heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De raadsman van de verdachte, M.E. van der Werf, advocaat te Amsterdam, heeft het beroep tegengesproken.

De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.


3. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 februari 2017.