Strafrecht overig
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op 137 auto’s onder BV die wordt verdacht van witwassen en vervolgens failliet…
ECLI:NL:HR:2018:2004 · Hoge Raad · 30 oktober 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2018-2004
Zaakgegevens
Op 30 oktober 2018 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 30 oktober 2018
- Datum publicatie
- 25 oktober 2018
- Zaaknummer
- 16/05626
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:2004
Samenvatting
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op 137 auto’s onder BV die wordt verdacht van witwassen en vervolgens failliet gaat. Rb heeft klaagschrift pandhouder van auto’s deels gegrond en deels ongegrond verklaard. Ontvankelijkheid cassatieberoep curator failliete B.V. (belanghebbende)? Art. 552d.2 Sv. Beroep is gericht tegen beschikking die is gegeven op klaagschrift en aanvulling op klaagschrift van pandhouder, welk klaagschrift strekte tot teruggave van auto's die onder B.V. in beslag waren genomen - en welke aanvulling van klaagschrift strekte tot teruggave van onder pandhouder inbeslaggenomen auto’s. Bij bestreden beschikking is klaagschrift van pandhouder deels gegrond verklaard en teruggave van personenauto aan hem gelast en voor het overige ongegrond verklaard. Tegen die beschikking staat voor curator o.g.v. art. 552d.2 Sv geen cassatieberoep open. Volgt n-o verklaring in beroep. Samenhang met 16/05542B.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 3 juli 2018
ECLI:NL:PHR:2018:935Hoge Raad · 30 oktober 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:2004
Uitspraak
Inhoudsopgave
30 oktober 2018
Strafkamer
nr. S 16/05626 B
IF/CB
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 26 oktober 2016, nummer RK 16/578, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager] , kantoorhoudende te [plaats] .
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door [klager] in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [A] BV. Namens deze heeft C.P. Wesselink-van Dijk, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het cassatieberoep niet-ontvankelijk zal verklaren.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het beroep is gericht tegen een beschikking die is gegeven op het klaagschrift en de aanvulling op dat klaagschrift van [betrokkene 2] , welk klaagschrift strekte tot teruggave van 137 auto's - die onder [A] BV in beslag waren genomen - en welke aanvulling van het klaagschrift strekte tot teruggave van een onder [betrokkene 2] inbeslaggenomen camper en personenauto. Bij de bestreden beschikking is het klaagschrift van [betrokkene 2] deels gegrond verklaard en de teruggave van de personenauto aan hem gelast en voor het overige ongegrond verklaard. Tegen die beschikking staat voor [klager] op grond van art. 552d, tweede lid, Sv geen cassatieberoep open.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart [klager] niet-ontvankelijk in het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 oktober 2018.